verzamel stuff-collectors items
HP Woordenboek

Bekijk zeker en
vast ons Harry Potter raadsel spel! En test of je wel degelijk een echt fan bent!
We hebben elk fabeldier uitvoerig besproken in onze categorie fabeldieren! Er worden nog vaak fabeldieren toegevoegd!
HPHeadquarter
K

Kabouter: Fabeldier, wordt zo'n 30 centimeter lang, heeft een groot hoofd en eeltige, harde voeten.

Kaboutergoud: Wordt door Ierse Kabouters geproduceerd maar verdwijnt na een uur.

Kakelbontbril: psychedelische bril, cadeautje bij de Kibbelaar.

Kakkerlak krunchies: Snoepgoed.

Kalkstov: Leerling van Klammfels.

Kameleongeest: Geest die andere vormen kan aannemen.

Kameofleren: Iets camoufleren.

Kameoflagespreuk: Als je deze over iets of iemand uitspreekt krijgt ie dezelfde kleur als wat achter hem/haar staat.

Kamer Des Doods: Als je deze kamer betreedt ga je waarschijnlijk dood, kamer op het departement van mystificatie.

Kamerling, Eddie: Leerling van Ravenklauw, gesorteerd een jaar voor Harry.

Kamer Van Hoge Nood: Deze kamer is te vinden op Zweinstein en bij Hoge Nood heeft het alle benodigdheden die je nodig hebt.

Kamer Van Komen En Gaan: Deze kamer is te vinden op Zweinstein en bij Hoge Nood heeft het alle benodigdheden die je nodig hebt

Kanariekano: Fopsnoep van Fred en George als je het eet verander je even in een kanarie.

Kannewasser, Barend: Vader van Carlo Kannewasser.

Kannewasser, Carlo: Leerling van Huffelpuf, gesorteerd twee jaar voor Harry, zit ook als zoeker en aanvoerder in zwerkbalteam van Huffelpuf en is gedood door Peter Pipelling in boek 4.

Kanters: Zwerkbalspeler voor Ravenklauw.

Kappa: Fabeldier, lijkt op een aap maar heeft schubben in plaats van haar. Hij heeft een holte in de kruin van zijn hoofd.

Karamelkevers: Snoepgoed.

Karasjok, Kites: Zwerkbalploeg uit Noorwegen.

Karkarov, Igor: Schoolhoofd van Klammfels, voormalig dooddoener.

Karkus: Baas der reuzen.

Kas een: Hier krijgen alle eerstejaars leerlingen van Zweinstein les.

Kas drie: Hier krijgen alle tweedejaars leerlingen van Zweinstein les.

Kelpie: Fabeldier, kan verschillende vormen aannemen maar verschijnt meestal in de vorm van een paard met biezen in plaats van manen.

Keltisch Aardmannetje: Fabeldier, felblauw, wordt zo'n 20 centimeter lang en zit vol streken.

Kenmare Kestrels: Zwerkbalploeg uit Ierland.

Kerkuil: Uilensoort.

Ketel: Hierin maakt men toverdranken.

Ketelkoek: Lekkernij.

Kibbelaar, De: Tijdschrift met vaak een hoop onzin.

Kieuwwier: Ziet er uit als slijmerige rattenstaarten, door dit op te eten krijg je voor een tijdje kieuwen en kun je onderwater ademen.

Kikkerdrilzeep: Fopartikel.

King's Cross Station: Vanaf dit station vertrekt de Zweinsteinexpres.

Kinkel, Karel en Koos: Drijvers van de Falmounth Falcons.

Kippenvelcocktail: Toverdrank.

Kist, (professor): Geeft les op zweinstein in het vak geschiedenis van de toverkunst, is een geest.

Klammfells: Toverschool.

Klare Canisius: Lid van Wikkenweegschaar, is weggegaan uit protest tegen de aanstelling van de Hoge-Inquisiteur.

Klassenoudste: Controleert leerlingen op Zweinstein.

Klassenoudste Aan De Top: Boek.

Klein Zanikem: Woonplaats van de familie Duffeling.

Klepel, Gerda: Heks uit Blubberveld rond de 11e eeuw, hield een dagboek bij over de voorganger van zwerkbal.

Kleuten: Dit wordt gebruikt in zwerkbal en is een beuker het publiek inslaan zodat de wedstrijd wordt stilgelegd.

Klieder en Vlek: Winkel op de Wegisweg waar je boeken kunt kopen.

Kliek, Rudolf: Speler van Falmounth Falcons en mede-oprichter van handelsmaatschappij "De Komeet.

Klodders In Het Koffiedik - Als Uw Toekomst Tegenvalt: Boek.

Klopgeest: Geest die geen doorzichtige gedaante vertoont maar gewoon vast is.

Kluis 711: Kluis van Sirius Zwarts.

Kluis 713: Kluis waar de Steen Der Wijzen in lag.

Knalbonbons: Als je deze bonbons uit elkaar trekt vliegt er een cadeau uit, wordt gebruikt bij kerst.

Knalpoker: Kaartspelletje in de magische wereld.

Knapperkorstpoeder: Poeder dat voor korsten zorgt.

Knar, Diederik: Bekende tovenaar door zijn brief aan zijn neef over zwerkbal in de 12ste eeuw.

Knarl: Fabeldier, lijkt op een egel maar bij belediging pleegt dit fabeldier vandalisme in tuinen.

Knarlpen: Vandalisme aanbrengen in tuinen.

Knelbreuk, Max: Medewerker van het comité experimentele bezweringen.

Knijster: Huiself van de familie Zwarts.

Knikkebeen: Tamme kat van Hermelien. Is half-kwistel, half-kat.

Knoerten: Dit wordt in zwerkbal gezien als overmatig gebruik van de ellebogen.

Knoet: Tovenaarsgeld.

Knijters Knalbommetjes: Snoepgoed.

Knufje, (professor): Examinator bij het Slijmbal examen.

Kobold: Wezen, dat vaak werkt voor de tovenaarsbank Goudgrijp.

Kobold Contactgroep: Overleg orgaan tussen ministerie van toverkunst en de kobolden.

Koe(keroekus): Kleine uil van Ron Wemel.

Koetervlaams: Taal van kobolden.

Koffiedik kijken: Onderdeel van het vak waarzeggerij.

Kolk, Andre: Leerling van Griffoendor.

Komeet 140: Eerste bezem van handelsmaatschappij de Komeet uitgebracht in 1929.

Komeet 180: Verbeterde versie van de Komeet 140, uitgebracht in 1938.

Komeet 260: Verbeterde versie van de voorgaande Komeeten.

Komeet 290: Verbeterde versie van de voorgaande Komeeten.

Komeet, Handelsmaatschappij De: Bezemfabriek opgericht door Ed Huppel en Rudolf Kliek.

Kommerhommel: Fabeldier, grijs, behaard, vliegend insect.

Kontamineet: Fabeldier, kleine parasieten, die ongeveer 1/10 centimeter groot zijn en dan het meest lijken op krabben met grote kaken.

Koortskrakeling: Snoep waardoor je even koorts krijgt, uitgevonden door Fred en George Wemel.

Koplopers: Groep hoofdloze geesten die een clubje hebben opgericht.

Koprollen Te Paard: Sport voor hoofdloze geesten.

Korzel, Vincent: Leerling van Zwadderich, gesorteerd in boek 1.

Korzel: Dooddoener.

Koudstaal, Griselda: Examinator bij het Slijmballen examen, lid van Wikenweegschaar maar verlaat deze bij de aanstelling van de Hoog-Inquisiteur.

Krachtwater: Toverdrank.

Krauwel, Dennis: Leerling van Griffoendor, gesorteerd in boek 4, broertje van Kasper.

Krauwel, Kasper: Leerling van Griffoendor, gesorteerd in boek 2.

Krenck, Bartolomeus: Hoofd van departement van internationale magische samenwerking, vermoord in boek 4 door zijn zoon.

Krenck jr., Bartolomeus: Dooddoener, ontsnapt uit Azkaban, kruipt in de huid van Dwaaloog Dolleman in boek 4 door middel van een wisseldrank en vermoord zijn vader. Hij heeft de kus van de dementor gehad en leeft nu voor zonder ziel.

Kriek, Michel: Leerling van Ravenklauw, gesorteerd in boek 2, heeft verkering met Ginny Wemel.

Kriel, Berta: Nieuwsgierige heks die werkte op het ministerie maar is vermoord door Voldemort.

Krijsende Krot, Het: Verlaten huis in Zweinsveld maar men denkt dat er de meeste geesten uit het land wonen.

Krijskruid: Krijsende plant.

Krinkel, (professor) Slatero: Leraar verweer tegen de zwarte kunsten in boek 1, handlanger van Voldemort, is nu dood.

Kristallen Bol: Hulpmiddel bij het vak waarzeggerij.

Krodde: Dooddoener. Gedood door schouwers.

Kroep, Agatha: Expert op het gebied van oude toverattributen.

Kruidenkunde: Vak dat wordt gegeven op Zweinstein.

Kruimelaar: Tearoom in Zweinsveld.

Kruiper, Gregorius De: Beeld op Zweinstein dat zich verplaatst bij het noemen van een wachtwoord en dan een geheime gang onthult.

Kruml, Viktor: Bulgaarse zoeker op het WK zwerkbal, en kampioen voor het toverschool toernooi voor Klammfels.

Kus Van De Dementor: De dementor laat zijn kap zakken en zuigt de ziel uit iemand waardoor er alleen een leeg omhulsel overblijft.

Kussenbezwering: Bezwering waardoor een bezem een onzichtbaar kussen krijgt.

Kwast, Karel: Leerling van Zwadderich, gesorteerd in boek 1.

Kwast: Dooddoener.

Kwekkeboom, Roos: Heks in de Lekke Ketel, die aan Harry's hand bleef schudden.

Kwintessens: een Queeste: studieboek voor Bezweringen.

Kwistel: Fabeldier, lijkt op een poes.